5 dingen die je moet weten over zonnebrandcrème

Vrouw die zonnebrandcrème smeert op het strand

Geschreven door

in

Hoeveel zonnebrandcrème moet je gebruiken? Wanneer moet je het opsmeren? En zitten er ook nadelen aan? Huidkankerexpert Rachel Neale geeft antwoord op deze en andere brandende vragen.

Als de zon schijnt, grijpen veel mensen naar zonnebrandcrème. Door allerlei mythes en verkeerde informatie weten sommigen niet goed wanneer en hoe ze dat spul moeten gebruiken. Ook vragen mensen zich af hoe ze ervoor kunnen zorgen dat ze toch voldoende vitamine D aanmaken.

Rachel Neale, een expert op het gebied van huidkanker bij het QIMR Berghofer Medisch Onderzoek Instituut in Australië, heeft onderzoek gedaan naar het verband tussen blootstelling aan de zon en huidkanker. Ook heeft ze gekeken naar het verband tussen het gebruik van zonnebrandcrème en de aanmaak van vitamine D. Recent heeft ze bijgedragen aan de ontwikkeling van nieuwe richtlijnen waarin wordt ingegaan op hoe de voor- en nadelen van blootstelling aan de zon tegen elkaar moeten worden afgewogen. Op basis van haar ervaringen beschrijft ze in dit artikel vijf dingen die iedereen over zonnebrandcrème zou moeten weten.

1. Zonnebrandcrème moet worden gebruikt als laatste beschermingsmiddel

Veel mensen denken dat het prima is om de hele dag in een piepkleine bikini op het strand te liggen, zolang ze maar hun blootgestelde huid elke twee uur opnieuw insmeren. Ze denken dat zonnebrandcrème hen volledig beschermt tegen de zon. Maar zelfs als je je met de beste zonnebrandcrème perfect insmeert, laat deze nog steeds een deel van de ultraviolette (UV) straling door. Als je urenlang in de zon zit, loopt dat geleidelijk op tot een hoeveelheid die groot genoeg is om huidschade te veroorzaken. Op dat moment maakt het niet meer uit of je nog meer zonnebrandcrème aanbrengt. De schade is dan al aangericht.

Mensen gaan er vaak van uit dat de bescherming opnieuw begint als ze zich na twee uur opnieuw insmeren. Zo werkt het echter niet. Je moet jezelf ook beschermen met een pet, zonnebril, UV-werend shirt of andere beschermende kleding. Ook is het van belang om midden op de dag in de schaduw te blijven. Zonnebrandcrème moet worden gezien als een laatste beschermingsmogelijkheid. Het spul is daarom alleen bedoeld voor de delen van je huid die je niet gemakkelijk kunt bedekken als je buiten bent, zoals je handen en nek.

2. Er zijn sterke aanwijzingen dat zonnebrandcrème beschermt tegen huidkanker en rimpels

Het grootste en langstlopende onderzoek naar zonnebrandcrème werd uitgevoerd in het Australische Nambour. In 1992 werden 1600 inwoners van het stadje willekeurig ingedeeld in twee groepen. De ene groep moest zich dagelijks insmeren met zonnebrandcrème. De mensen in de andere groep mochten doorgaan met hun normale gebruik van zonnebrandcrème, wat meestal minimaal was. Uit het onderzoek bleek dat degenen die dagelijks zonnebrandcrème smeerden jaren later de helft minder kans hadden op een melanoom, een vorm van huidkanker.

De onderzoekers maakten ook afdrukken van de ruggen van de handen van de deelnemers om te kijken of ze huidschade hadden. Bij mensen in de groep die zich dagelijks met zonnebrandcrème insmeerden, liet de huid minder tekenen van veroudering zien dan bij de mensen die dat niet deden. Toen er in 2014 een vervolgonderzoek plaatsvond, bleken er bij hen ook in het algemeen iets minder sterfgevallen te zijn.

3. Kies de zonnebrandcrème die je graag gebruikt

Het heeft geen zin om zonnebrandcrème in je kast te hebben staan die je uiteindelijk niet op je huid smeert omdat je hem niet fijn vindt. Als je gaat wandelen en de hele dag buiten bent, kun je beter zonnebrandcrème met een hoge beschermingsfactor van 50+ gebruiken. Maar het is lastiger om een zonnebrandcrème met een hoge beschermingsfactor te vinden die echt prettig aanvoelt. Als je gedurende de dag maar af en toe even naar buiten gaat, kun je kiezen voor een crème met een beschermingsfactor van 15 of 30.

Getinte zonnebrandcrèmes kunnen dezelfde bescherming bieden als gewone zonnebrandcrèmes, maar alleen als je ze dik aanbrengt. Omdat deze crèmes de huid er vaak té getint uit laten zien, hebben mensen de neiging om ze te dun op te smeren. Een optie is om eerst een dikke laag gewone zonnebrandcrème aan te brengen en daarna de getinte zonnebrandcrème eroverheen te smeren.

Chemische zonnebrandcrème bevat organische stoffen zoals octocryleen en avobenzon. Ze werken door UV-straling van de zon te absorberen en deze om te zetten in onschadelijke warmte. Anorganische zonnebrandcrème, ook wel minerale zonnebrandcrème genoemd, bevat de stoffen zinkoxide of titaandioxide. Sommige mensen denken dat ze werken door UV-straling te weerkaatsen of te verstrooien, maar dat klopt niet. Anorganische crèmes absorberen, net als chemische zonnebrandcrème, ook UV-straling.

4. Het aanbrengen van twee lagen zonnebrandcrème helpt om voldoende bescherming te krijgen

Je bereikt de beschermingsfactor die op de verpakking staat vermeld alleen als je 2 milligram zonnebrandcrème smeert per vierkante centimeter huid. Dat komt neer op ongeveer 7 theelepels voor het hele lichaam van een gemiddelde volwassene. Het is echt moeilijk om deze hoeveelheid zonnebrandcrème in één keer op te smeren. Op een dag besloot ik het precies af te meten. Het lukte me niet om het allemaal op te smeren. Het was gewoon te veel. Dus nu breng ik één laag aan en laat die intrekken terwijl ik mijn tanden poets en andere dingen doe. Daarna smeer ik een tweede laag eroverheen, zodat ik de volledige aanbevolen hoeveelheid kan gebruiken.

Ik ben eind jaren zestig geboren in Armidale in Australië. Als kind gebruikte ik geen zonnebrandcrème, ondanks mijn bleke huid. Sindsdien zijn er drie gevallen van huidkanker bij mij verwijderd, waarvan de eerste al opdook toen ik pas 29 was. Daarom let ik er nu extra goed op dat ik mijn huid bescherm.

5. Als je consequent zonnebrandcrème gebruikt, heb je misschien een vitamine D-supplement nodig

We hebben onlangs een onderzoek uitgevoerd om na te gaan of het dagelijks aanbrengen van 50+ zonnebrandcrème invloed heeft op het vitamine D-gehalte. We hebben 639 mensen willekeurig ingedeeld in twee groepen. De ene groep moest als onderdeel van hun dagelijkse ochtendroutine 50+ zonnebrandcrème aanbrengen op dagen waarop de UV-index volgens de voorspelling 3 of hoger zou zijn. De andere groep mocht naar eigen inzicht zonnebrandcrème gebruiken. Na ongeveer een jaar had een groter deel van de deelnemers in de groep die dagelijks zonnebrandcrème gebruikte een vitamine D-tekort – ongeveer 46 procent, vergeleken met 37 procent in de controlegroep.

Als je elke dag zonnebrandcrème gebruikt, raad ik je aan een vitamine D-supplement te nemen om een tekort te voorkomen, vooral in de winter. Ik neem er zelf ook een. Ze zijn goedkoop, veilig en effectief.

Mensen met een donkere huidskleur lopen een groter risico op een vitamine D-tekort. Ik heb onlangs geholpen met het opstellen van nieuwe richtlijnen waarin we keken naar hoe we de verschillende voor- en nadelen van blootstelling aan de zon het best tegen elkaar kunnen afwegen. Hiervoor kwamen deskundigen van allerlei Australische universiteiten en medische organisaties bij elkaar.

We concludeerden dat het voor mensen met een donkere huidskleur het beste is als ze zich alleen insmeren als ze van plan zijn om op dagen met hoge UV-stralingsniveaus meer dan 2 uur buiten te zijn. Dit hebben we gebaseerd op het feit dat mensen met een donkere huidskleur 30 keer minder vaak een melanoom krijgen dan mensen met een lichte huidskleur. Bovendien vormt een vitamine D-tekort een groter risico bij hen.

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *